Op 4 oktober
heb ik het vliegtuig van Udjang Pandang naar Surabaya genomen.
Eigenlijk was het niet mijn bedoeling om nog rond te reizen op
Java, maar wegens de presidentsverkiezingen op 20 oktober en alle
zaken daaromheen werd ik gewaarschuwd om vroegtijdig een
vliegticket te boeken naar Jakarta omdat de vluchten naar Jakarta
rond die tijd allemaal al volgeboekt waren. In Rantepao was een
ticket boeken niet niet mogelijk, en om die reden ben ik min of
meer vervroegd naar Udjang Pandang gereisd. De keus was toen om
of van Udjang Pandang weer terug te reizen naar Centraal
Sulawesie of eerder naar Java te vertrekken. Ik heb gekozen voor
dat laatste en wel Surabaya om vandaar verder te reizen per trein
naar Yogyakarta en daar een vlucht te boeken naar Jakarta op de
dag van mijn vertrek. In Surabaya aangekomen heb ik besloten om
eerst naar Tretes te gaan, dit plaatsje stond in mijn reisboek
zonder erg veel informatie, maar beschreven als een koele plaats
tegen een vulkaanhelling. Ik heb mij op het vliegveld naar de
hoofdweg laten brengen, alwaar ik een bus heb aangehouden die
richting Pendaan ging. Vanaf Pendaan ben ik verder gegaan per
bemo naar Tretes.
Het plaatsje Tretes stelt
niet zo veel voor. Hoewel er wel veel hotels waren, was ik de
enige toerist. De enige bezienswaardigheden in Tretes zelf zijn
de drie watervallen. Het wordt je hier aangeboden om je hier per
paard naar toe te laten brengen, ik heb dat gedaan, maar gewoon
lopen was een beter alternatief geweest. Per paard ben ik dus
naar de onderste en de grootste waterval gegaan.
De tweede
waterval heb ik te voet bezocht. Bij deze waterval is een
complete speeltuin ingericht en hier is ook een grote camping.
Het was hier overigens op wat verliefde indonesische stelletjes
na uitgestorven. De derde waterval, een kleintje volgens de
Indonesiers stelde niet zoveel voor en zou een hele klim zijn. Ik
heb het er toch op gewaagd, en het was gewoon een hele leuke
wandeling door de bossen. Onderweg heb ik diverse groepen apen
gezien, maar deze waren te schuw om er dicht bij te komen. De
derde waterval stelde niet veel voor, maar de wandeling hier naar
toe was zeker de moeite waard. Weer terug bij de tweede waterval
ben ik naar de weg gelopen om daar verder de Bemo te nemen
richting Pendaan om bij de
Candi Jawi uit
te stappen. Deze tempel is rond 1300 gebouwd. Enige tijd later is
op de top van deze tempel een kleine boedistische stupa
toegevoegd. Veel meer dan dit en het plaatje links kan ik niet
vertellen of laten zien over deze tempel. Wel zat er een man met
een gastenboek, hieruit bleek dat hier maar weinig mensen buiten
het hoofdseizoen naar de Candi kwamen. Deze man kon mij ook geen
verdere uitleg geven.
In mijn reisboek stond dat er in de buurt ook nog restanten
van een andere tempel waren, de baden van Belahan. Deze zouden op
ongeveer 5 minuten van Pendaan liggen aan een pad dat uitkwam op
de hoofdweg van Pendaan naar Surabaya. Vanaf de Candi Jawi was
het nog maar een klein stukje naar Pendaan en dus naar Belahan.
Dit bleek toch iets anders te zijn. Ik was tegen 16:00 in
Pendaan, en vertelde daar dat ik naar Belahan wilde en de bus
zocht richting Surabaya. Iemand was zo vriendelijk mij achterop
de motor naar het betreffende pad te brengen, maar gaf te kennen
dat ik wel moest doorlopen om vandaar voor het donker bij Belahan
te komen, hij schatte minstens anderhalf uur lopen. Dit had ik
volgens de beschrijving in het boek niet verwacht. Het geluk
heeft mij wel een handje geholpen, want na ongeveer een kwartier
lopen kreeg ik een lift van enorme vrachtwagen. De rit in deze
wagen duurde zeker een half uur en ging niet erg snel over een
het hobbelige pad. We zaten met z'n vieren voorin deze wagen en
ik ben meegereden tot het huis van de chauffeur en vandaar weer
verder g
ewandeld. Na
vanaf hier ongeveer een kwartier te hebben gelopen begon het al
een beetje schemerig te worden. Ik had weer geluk, iemand wilde
mij (tegen een kleine betaling) achterop de motor wel naar
Belahan brengen. Zo ben ik daar tegen de schemering toch nog
terecht gekomen. Vroeger heeft in deze tempel een mooi beeld
gestaan van Airlangga als een Visnu op Garuda. Dit beeld staat nu
in het museum van Mojokerto. De overgebleven beelden zijn van Sri
en Laksmi, Visnu's vrouwen. Ik kon weer mee terug rijden tot het
huis van deze laatste man en vandaar (het was inmiddels al
behoorlijk donker) ben ik verder gelopen totdat ik een lift kreeg
aangeboden tot aan de hoofdweg naar Pendaan. Vanaf hier ben ik
weer met de bus en bemo teruggereden naar Tretes.
De volgende dag ben ik teruggegaan naar Surabaya om vanaf daar met de trein naar Yogyakarta te reizen.